Verwoestijning bedreigt ook China (*)

Ook China valt ten prooi aan verwoestijning. Op amper tachtig kilometer van Peking vallen gezinnen en dorpen ten prooi aan de snel oprukkende Gobiwoestijn.
Waar Yan Hongmei met haar dochter staat, vloeide vroeger een rivier. Ze herinnert het zich nog goed: twintig jaar geleden stroomde hier koud en helder water, en ving haar vader vis die groot genoeg was om het gezin te voeden.
Toen bracht de wind het eerste zand mee, en dat rukte langzaam maar zeker op. Zandstormen kleurden de lucht geel en het regende minder vaak. Als het wel regende, veroorzaakte dat meteen overstromingen.
Yan woont niet in een afgelegen deel van China: haar huis staat op tachtig kilometer van Peking en op amper dertig kilometer van de Chinese Muur. Alle vluchten van Peking naar Europa leiden over het dorp, en het zicht vanuit het vliegtuig is schrikbarend. Ten westen van Peking gaat de vlucht twee uur lang over droog land en zand, dat nu en dan onderbroken wordt door een dorp of een landweg. Pas in de buurt van de Mongoolse hoofdstad Ulan Bator is er weer groen in zicht.

Grote groene muur


In 1998 besloot de toenmalige eerste minister When Zhu Rongji om een gordel van bomen aan te leggen als “grote groene muur” tegen het zand. Dat heeft voor sommige boeren soelaas gebracht, maar het roept ook twijfels op. “In sommige regio’s is de trend onder controle” zegt Wu Wei, wetenschapper aan de universiteit van Peking. “Maar over het algemeen is het erger geworden.”
 
Hoewel China twaalf miljoen dollar per jaar uitgeeft aan de strijd tegen de woestijn, is al één vijfde van het Chinese grondgebied ten prooi gevallen aan het zand. Volgens een team van wetenschappers uit Nanjing is de oppervlakte van de woestijn sinds de jaren vijftig verdrievoudigd. Wetenschapper Wang Xunming van de gerenommeerde Chinese Academie van Sociale Wetenschappen vreest dat in de tweede helft van deze eeuw de droge en semi-droge gebieden in het noorden van China veranderd zullen zijn in zandduinen of op zijn minst zeer droge steppegebieden.
“Het overleven van de bevolking is in gevaar”, zegt Wang, die het probleem aan de klimaatverandering wijt.
Volgens Liu Tuo van het Bureau voor de Preventie en Controle van Verwoestijning is er niet alleen gevaar voor de bevolking, maar ook voor de biodiversiteit. “Ongeveer 15 procent van de dier- en plantensoorten in de regio zijn nu al met uitsterven bedreigd.”
(*) Dit artikel maakt deel uit van een reeks bijdragen van IPS naar aanleiding van de klimaatconferentie in Kopenhagen. ‘Planeet Kopenhagen’ startte op 23 november en loopt tot het einde van de conferentie op 18 december. 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift