Over de band van het eiland met zijn bewoners en met de tijd

Dit is Tiwi-tijd, hier vertelt en luistert men

© Alexander Van Vooren

‘Wanneer de kinderen terug van school komen en het werk achter de rug is, zitten we samen onder de fruitbomen.’

Masterstudent Alexander Van Vooren verblijft op de Tiwi-eilanden nabij Australië, meer dan 13.000 kilometer van huis, om veldwerk te verrichten. Hij beschrijft hoe hij daar de tijd afleest van de fruitbomen en de verhalen beluistert van de Tiwi-gemeenschap.

Ik wacht op Kevin Baxter-Pilakui, die zijn huis in verdween met de belofte dat hij snel terug zou zijn. Vanuit de beschutting van zijn auto kijk ik naar hoe de hete middagzon het dorp afloopt. Schaduwen dansen aan de overkant van de straat, door de zeewind opgehitst, en trekken mijn aandacht. In een van die schaduwen ligt een kokosnoot.

Drie maanden doe ik veldwerkonderzoek op de Tiwi-eilanden, een Australische eilandengroep in de Timorzee, ten noorden van Australië. Hier onderzoek ik hoe visuele kunst het begrip van land beïnvloedt. Tijdens het onderzoek help ik mee in het plaatselijke kunstencentrum.

De twee voornaamste eilanden van de Tiwi-archipel zijn Melville Island en Bathurst Island. Het zijn ook de enige twee eilanden die bewoond worden door de Tiwi, een inheemse Aboriginalgemeenschap. Zij zijn de traditionele bewoners en beheerders van dit land. De Tiwi spreken een eigen taal, hebben een eigen cultuur en vertellen eigen droomverhalen over het ontstaan van het land en zijn bewoners. Ze vormen een trotse Inheemse gemeenschap binnen een koloniale realiteit.

De tijd van de fruitbomen

Nog maar weinig in de straten van Wurrumiyanga, het dorp op Bathurst Island waar ik verblijf, is mij vreemd. De tropische vruchten aan de bomen voelen zelfs “vertrouwd” aan. Anders dan de vertrouwdheid van pakweg een eenzame appelboom in een Gentbrugse tuin waar ik af en toe langskwam.

De Tiwi spreken een eigen taal en cultuur en vertellen eigen droomverhalen over het ontstaan van het land en zijn bewoners.

In Wurrumiyanga overstijgen de verschillende soorten fruitbomen de daken van de huizen, in elke straat en langs beide kanten. Ze dragen vruchten met opvallende vormen, kleuren en gewoontes, die iedere dag het verloop van de tijd aangeven. De tijd is hier altijd zichtbaar aanwezig: in het langzame zwellen van de groene mango’s, in het sterfruit, donkergeel en zwaar geworden, en in de vallende kokosnoten.

© Alexander Van Vooren

Mango’s in augustus in Wurrumiyanga. ‘De tijd is hier altijd zichtbaar aanwezig in de fruitbomen.4

Een aloude vertrouwde tijd herhaalt zich in de bomen, in de lucht en op de grond. Augustus loopt rustig ten einde, net zoals de maand ongeveer begon. En zoals de vruchten de maanden aaneenrijgen, delen ze ook de dagen in.

Dagen worden zichtbaar in de tamarindebomen. Kinderen klimmen in het ochtendlicht, langs waar de bomen zich aftekenen, en gaan tussen de vedervormige bladeren op zoek naar de vruchten met hun zoute smaak. Dit zijn de eerste bezadigde ogenblikken van de dag, wanneer ik het gordijn langszij schuif in het kunstencentrum en de kinderen op hun weg zijn naar school.

Wanneer ze terug van school komen en het werk achter de rug is, zitten we samen onverstoorbaar onder diezelfde bomen. Hun schaduw wordt een schemering die het eiland als een laken toedekt en de dag weer afsluit.

De tijd wordt hier Tiwi-time genoemd. Hier is een tijd die aanvoelt als nooit gejaagd en nooit verloren. Een tijd die altijd terugkeert. Een tijd in het ritme van deze vruchten. Hij begint mij vertrouwd aan te voelen.

Een verhaal

Geduldig wacht ik op Kevin. Ik stap uit de auto en wandel naar de onrustige schaduw met daarin de kokosnoot. Ik laat mijn vingers over het ruwe omhulsel van de vrucht gaan, neem hem in beide handen, breng hem naar mijn oor en schud dan zacht. Binnenin klinkt het verre, diepe, bijna verborgen klotsen van het vruchtwater. Voor dit bijzondere geluid raap ik zo’n kokosnoot telkens op, luister ik en leg ik hem weer terug. Ik kijk verder rond.

Met haar woorden neemt het meisje mij mee naar haar lagere school, haar huis, haar ouders en haar jongere broer.

Niet ver bij het huis vandaan verschijnen vier hoofden en lijfjes uit de openingen van een oude, half in het zand verzonken auto. Een van de portieren is verdwenen, net als de motorkap, en waar ooit de motor was gaapt nu een okergeelkleurige zandbak. De kinderen vullen het wrak met hun uitbundig gelach, ze spelen, klimmen door de ramen en over het roestige dak.

Even verderop slaan twee anderen het spel gade terwijl ze met rood glanzende lippen hun vingers aflikken. De kleur van de gedroogde en gezouten pruimen uit het winkeltje, weet ik.

Hi’, is het meisje met de roodste pruimenmond mij voor. ‘Hi’, zeg ik terug.

Are you waiting for my aminey?’, wijst ze naar het huis van Kevin. De jongetjes zijn de verroeste auto uitgekropen en komen nieuwsgierig dichterbij.

Wat aminey betekent, vraag ik, en ik hurk neer in het zand. Het meisje aarzelt even en zoekt naar het juiste woord. ‘Grandfather.’

‘Kowa’, zeg ik, ‘ja’.

Haar glimlach onthult een mooie spleet tussen haar voorste tanden. ‘Wil jij jouw verhaal vertellen?’, vraagt ze aan het meisje naast haar.

‘Nee, vertel dat van jou maar’, antwoordt die met een meer verlegen glimlach.

‘Of vertel jouw verhaal!’, draaien ze zich om naar een van de jongetjes achter hen, die elkaar nu beurtelings aanporren. De vier zetten het op een lopen, terug naar de auto.

Het is uiteindelijk het meisje met de verlegen glimlach dat wil vertellen. Ze vertelt. En ik luister. Zorgvuldig neemt ze mij met haar woorden mee naar haar lagere school, haar huis, haar ouders en haar jongere broer. Ze vertelt over de jongen op school die ze tegen een andere jongen beschermde, over ouders die steeds weer ruzie maken, over het broertje dat zó klein is en ze toont het met haar handen.

Do you have a story?’, vraagt ze dan. Of ik een verhaal te vertellen heb.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

I have a story.

In gedachten ga ik terug naar een bepaalde plaats. Ik weet nog niet precies wanneer dit verhaal echt begint. Maar die ene plaats volstaat, en het verhaal dat ik vertel zal zich gaandeweg vormen.

‘Ik kom van ergens heel ver weg’, begin ik. Voor niemand hier klinkt die zin als de aankondiging van een verzonnen sprookje.

Het land van de voorouders

Ik wil verder vertellen, maar Kevin roept mijn naam en ik zie hem de auto in stappen. Ik neem afscheid met de belofte later verder te gaan.

Kevin neemt me mee naar Tarntipi Tingata, een kustlijn in het zuidoosten van Bathurst Island met mangrovewouden, duinen en een zee-inham die diep landinwaarts leidt. Familieleden van Kevin woonden hier en werden hier begraven.

De verhalen reiken tot waar we ze niet meer kunnen zien. En ze gingen nog lang door met vertellen, lang nadat we uit het zand zijn opgestaan.

Dit is voor Kevin zijn land en dat van zijn voorouders. Tiwi beheren land volgens traditionele familierelaties. Tarntipi Tingata behoort tot het traditionele land van de Mantiyupwi-clan. De Tiwi-wetten verbieden om deze onzichtbare landsgrenzen te overschrijden zonder toestemming van een van de traditionele beheerders van het gebied.

Daar aangekomen zingt Kevin zijn voorouders toe. Hij zingt dat hij mij heeft meegenomen. En in het zand van de duinen vertelt hij hun verhalen. Waar zijn stem stopt, gaan de getijden verder. De verhalen reiken tot waar we ze niet meer kunnen zien. En ze gingen nog lang door met vertellen, lang nadat we uit het zand zijn opgestaan.

Verhalentijd

Dit is Tiwi-tijd. Een verhalentijd. Hier vertelt en luistert men. Altijd is er tijd. Hier overleven verhalen tienduizenden jaren en samen met hun de kennis over het land en de voorouders. En hier ontspringen nieuwe verhalen. Dit is de tijd waarin ik terugkeerde naar het huis van Kevin, waarin ik mijn verhaal kon vertellen en naar verhalen van de anderen kon luisteren.

Hier zal ik telkens opnieuw elke kokosnoot vastnemen, die aan mijn oor leggen en vergenoegd luisteren. Om nooit te vergeten hoe dit ging, zo te leven in een tijd tussen de fruitbomen.

Dit verhaal werd verteld in het bijzijn van Tiwi-land, Tiwi-voorouders en Tiwi Kevin Baxter-Pilakui, met diens toestemming.

© Alexander Van Vooren

Tiwi onder een mangoboom in Wurrumiyanga

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3233   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur