Nizjni Novgorod: maffioos stadsbestuur wilde massaal erfgoed slopen voor WK voetbal

FIFA en de verdwijnende houten stad aan de Wolga

© Mashid Mohadjerin

Nizjni Novgorod is een van de organiserende steden van het WK voetbal.

Stanislav Dmitriëvski zit achter de computer in zijn kelderkantoortje. Hij draagt een traditioneel Russisch hemd en komt met zijn hoofd maar juist boven de stapels boeken uit. Eeuwenoude boeken met manuscripten op stoffige bladzijden. En de werken van de grote Russische schrijvers die een eeuw geleden in Nizjny Novgorod woonden, vandaag een stad met 1,2 miljoen inwoners en een van de organiserende steden van het WK voetbal.

De grote schrijver Vladimir Korolenko vestigde zich in 1885 in deze stad na zijn jarenlange verbanning omdat hij trouw weigerde te zweren aan de tsaar. Schrijver Maksim Gorki, vriend én criticus van Lenin, werd in één van deze huizen geboren en bracht er zijn jeugd door.

De monden van de voetbalfans zouden openvallen van verbazing als ze de platgetreden paden rond het voetbalstadium en de door FIFA getipte toeristische trekpleisters zouden verlaten. In het hartje van de stad, omgeven door glazen kantoorgebouwen en smaakloze appartementsblokken, en overgroeid met bomen en onkruid, ligt een verborgen parel. Honderden houten huizen in de typische Russische architectuur van het einde van de negentiende eeuw.

In deze houten huizen werd wereldgeschiedenis geschreven. De burgemeester, tevens directeur van het grootste bouwbedrijf, wilde ze slopen voor het WK voetbal.

Maar ze zouden niet weten dat ze onder Gorki’s prachtig gedecoreerde houten balkon zouden staan waar operalegende Fjodor Sjaljapin, een van de bekendste bassen uit de muziekgeschiedenis, straatconcerten gaf. Nergens is een informatiebord te bekennen.

‘En in dat huis daar op de hoek woonde Leonid Andrejev, grondlegger van de Russische expressionistische literatuur’, zegt Dmitriëvski. Een blinkend witte Porsche rijdt voorbij het vervallen huis en de verrotte gedecoreerde houten raamkozijnen.

‘En in dit huis hield Aleksander Kerenski, twee jaar voor hij leider werd van de Voorlopige Regering van Rusland na de Februarirevolutie van 1917, geheime ontmoetingen met de marxistische Sociaaldemocratische Arbeiderspartij waaruit de Communistische Partij van de Sovjetunie zou ontstaan.’

In deze houten huizen werd Russische geschiedenis en wereldgeschiedenis geschreven. De burgemeester, tevens directeur van het grootste bouwbedrijf van de stad, wilde honderd van de 379 houten huizen met de grond gelijk maken voor het WK voetbal.

© Mashid Mohadjerin

Een van de grotere huizen in het centrum van de houten stad van Nizjni Novgorod

Dmitriëvski is architect en al decennialang mensenrechtenactivist. Als je het verleden afbreekt, breek je jezelf af, vindt hij. Het is iets dat je moet koesteren. Maar hier, waar de Wolga en de Okarivier elkaar treffen op vijfhonderd kilometer ten oosten van Moskou, is het een obstakel op het pad naar snelle verrijking.

FIFA-spandoeken hangen boven de straten en voor ooit prachtige maar vandaag vervallen houten huizen. Lange, blauwe metalen hekken rond grote stukken leeg land onttrekken gesloopte houten huizen aan het publieke oog. Daklozen trekken in de verlaten houten huizen die nog rechtstaan en zorgen voor brandgevaar.

Tijdens het WK vatten al drie waardevolle historische houten panden vuur. En dat is geen toeval.

Iedereen was er zeker van dat de komst van FIFA de houten stad de finale doodsteek zou toedienen.

Lange hekken rond grote stukken leeg land onttrekken gesloopte houten huizen aan het publieke oog.

In de vraag van FIFA om de stad “schoon te maken”, zagen gouverneur Valery Shantsev en burgemeester Oleg Sorokin een kans om de houten huizen eindelijk te slopen en winstgevende appartementsgebouwen in de plaats te zetten en kantoorruimte te creëren. Of er tenminste open “opgeruimde” ruimtes te laten. Dat vonden ze “nuttiger” dan “die waardeloze en lelijke huizen”.

Het budget voor de massale sloop was vrijgemaakt. De bewoners van de huizen waren al hervestigd onder het voorwendsel dat de huizen “onbewoonbaar” waren.

Dit erfgoed viel tijdens het communisme al ten prooi aan ideologische onverdraagzaamheid en de afgelopen tien jaar aan corrupte vastgoedontwikkeling, onverschilligheid en wanbeheer. Burgemeester Sorokin liet ongeveer veertig houten huizen slopen.

‘Ontelbare brieven stuurden we naar alle bestuursniveaus’, zegt Dmitriëvski. Hij houdt even halt aan zijn favoriete huis, een grijs huis met wit geschilderde raamkozijnen versierd met ornamenten die je normaal enkel bij paleizen ziet.

© Mashid Mohadjerin

Dmitriëvski houdt even halt aan zijn favoriete huis.

Ook naar de president? ‘Ook naar de president. Maar die stuurde de brieven altijd terug naar het bevoegde bestuur: de gouverneur en de burgemeester. Die hebben als projectontwikkelaars natuurlijk juist belang bij de afbraak.’

‘Wij worden bestuurd door een criminele maffia die de instituten van de overheid gebruikt voor persoonlijke verrijking. Sorokin stelde een ambtenaar aan die onschatbare huizen van de officiële lijst van beschermd erfgoed verwijderde. Zo maakte hij de gronden, die eigendom zijn van de gemeente, vrij voor bouwprojecten van zijn privaat bouwbedrijf.’

Sorokins vrouw was een tijdlang de rijkste vrouw van een bestuurder in heel Rusland. In haar belastingaangifte stond twee miljoen roebel. De burgemeester zelf weigerde zijn belastingaangifte publiek te maken.

‘Wij worden bestuurd door een maffia die de instituten van de overheid gebruikt voor persoonlijke verrijking.’

‘Wij hebben hier onze eigen Donald Trump’, zegt Dmitriëvski. ‘Na sommige afbraken werd ik zo woedend dat ik kampte met wraakgevoelens die ik bij mijn priester ging opbiechten.’

Stanislav Dmitriëvski – Stas voor de vrienden – had zijn portie onrecht nochtans al achter de kiezen als een van de meest volhardende Russische mensenrechtenverdedigers.

Hij is de oprichter van de Vereniging voor Russisch-Tsjetsjeense Vriendschap, die in 2007 werd verboden en gemarkeerd als “extremistische organisatie”. Gemaskerde mannen vielen zijn huis en familie aan. Hij bracht in totaal verschillende maanden in de gevangenis door wegens protesten tegen de afbraak van historisch erfgoed in zijn stad.

Een half jaar voor het begin van het WK duidde de Russische president Vladimir Poetin in heel Rusland nieuwe gouverneurs aan, die dan weer nieuwe burgemeesters met zich meebrachten. Shantsev en Sorokin mochten opstappen en plaats ruimen voor Nikitin en Panov.

U-turn. Of toch niet?

Kersvers gouverneur Gleb Nikitin en de nieuwe burgemeester Vladimir Panov startten een beleidsprogramma voor erfgoedbescherming. Lopende procedures van openbare verkopen van gronden waarop houten huizen stonden, werden stopgezet. Panov beloofde plechtig dat geen enkel houten huis afgebroken zou worden voor het WK voetbal.

De laatste keer toen de houten huizen van Nizjny Novgorod officiële bescherming van de overheid kregen, was toen Boris Nemtsov hier twintig jaar geleden gouverneur was. Onder Poetin belandde Nemtsov in de oppositie en werd hij in 2015 op straat doodgeschoten.

‘Ik had de eer om twintig dagen in de gevangenis te mogen doorbrengen omdat ik in een herdenkingsmars voor zijn dood zijn portret vasthield onder de Russische vlag. Ik mag hopen dat de vandalen die ons erfgoed besmeuren minstens dezelfde straf krijgen’, zegt Dmitriëvski op zijn kenmerkende ironische toon.

© Mashid Mohadjerin

Stanislav Dmitriëvski

September 2017. Dmitriëvski stapt het kantoor van burgemeester Panov binnen. Hij ziet meteen dat die vertrouwd is met erfgoed en zich goed op het gesprek heeft voorbereid. De burgemeester bekijkt de foto’s van de huizen die Dmitriëvski hem voorlegt. Ze staan één voor één op de lijst van huizen die de vorige burgemeester zou laten afbreken.

‘Wat een schoonheid’, zegt Panov. Ofwel kan hij goed acteren, ofwel meent hij het, denkt Dmitriëvski. Als die suggereert dat de oude stad zijn achthonderdste verjaardag niet zou halen met het huidige tempo van afbraken, zegt de burgemeester streng:

‘Dat zal ik niet toelaten! We kunnen alvast twee huizen restaureren zodat de honderdduizenden buitenlandse bezoekers van het WK voetbal het potentieel van onze stad kunnen bewonderen.’

Tijdens het WK in Nizjni Novgorod vatten al drie waardevolle houten panden vuur. En dat is geen toeval.

Dimitriëvski droomt al weg naar wat zijn collega-architecten in de Siberische stad Tomsk sinds 2005 realiseren, met verbluffende resultaten. De oude stad van Tomsk ziet eruit zoals de Scandinavische en Baltische steden die hun houten huizen koesteren en integreren in de moderne stad. Niemand kan zich Trondheim of Tallinn nog voorstellen zonder de houten huizen.

Dmitriëvski verlaat het kantoor van de burgemeester met vleugels. Plots zijn ze aan het deelnemen aan het beleid. Een gevoel dat ze nog nooit eerder hadden gekend. Met zijn strijdmakkers trekt hij onmiddellijk naar het eerste het beste café om een lijst op te maken met 35 huizen die dringend bescherming nodig hebben. Het ijzer smeden als het heet is, denkt hij.

Veel kans om zich in slaap te laten wiegen door de mooie woorden van de burgemeester had Dmitriëvski niet. De sloophamers die een huis tot brandhout versplinterden, schudden hem wakker. Het stond op de lijst die hij daarvoor aan de burgemeester had overhandigd.

Hij kwam te weten dat de burgemeester een werkgroep had opgericht waarin niet één specialist erfgoed zetelde. Tot zover onze deelname aan het beleid, dacht hij.

Er kwamen wel wat cosmetische veranderingen. In het zogenaamde kwartier van 1833 werden houten huizen voor het eerst in decennia, slecht, herschilderd voor het WK voetbal.

In de jaren 2000, de jaren van de heerschappij van Shantsev en Sorokin, kwamen deze huizen in het monumentenregister terecht maar dat was niet de reden waarom ze niet gesloopt werden. Ze werden enkel gered omdat de projectontwikkelaars de bewoners er niet uit kregen.

Architecten ontwierpen talrijke plannen om het hele kwartier van 1833 te restaureren en te integreren in de moderne stad. Geschiedkundige Anna Davydova schreef een onderzoek dat officieel erkend werd. Maar Shantsev negeerde het en bestelde een tegenonderzoek dat plots besloot dat de huizen géén erfgoed waren.

Van de 35 huizen waarover Dmitriëvski een akkoord sloot met burgemeester Panov werd er daarna geen enkel meer vernield. Maar van bescherming tegen brand of plundering, laat staan van restauratie, kwam niets in huis.

‘Het budget dat toegewezen was aan afbraak kon zogezegd niet overgeheveld worden naar bescherming en restauratie’, zegt Dmitriëvski. ‘Er is dus geld voor vernieling, niet voor heropbouw. Dat maakt me soms moedeloos. Waarom is ons stadsbestuur alleen maar daadkrachtig en creatief als het aankomt op lelijkheid en vernieling, verbieden en onderdrukken?’

‘Toen oppositieleider Aleksej Navalny naar Nizjni Novgorod kwam, bespaarden ze zich geen enkele moeite om het hele repressieve apparaat in te zetten om hem tegen te werken. Maar als het erop aankomt om iets redelijk, goed en eeuwig te doen, vertonen ze plots een verbazingwekkende onmacht.’

© Mashid Mohadjerin

Nizjni Novgorod is een bouwwerf. In het midden van de bouwwerf vind je een verborgen parel: een houten stad in verval. Het plan was om 100 historische houten huizen te slopen voor het WK voetal.

Voor -en tegenstanders Poetin verenigd

Onmacht staat niet in Dmitriëvski’s woordenboek. Als de overheid verzaakt aan haar publieke taak, slaan actieve burgers de handen in elkaar. Op 18 mei, de dag waarop de brandweer uitrukte om de schade te beperken aan een houten huis dat in brand stond, stelden Dmitriëvski en Davydova Houten Steden voor aan de verzamelde pers.

Geschiedkundigen, architecten, stadsplanners, mensenrechtenactivisten, advocaten en bewoners van de houten huizen sloten zich aan bij deze nieuwe burgerorganisatie.

Houten Steden organiseert rondleidingen en schoonmaakacties. En inzamelacties. ‘Na vijf dagen hadden we 215 euro verzameld, een bescheiden bedrag waarmee we tenminste planken voor de ramen van een paar huizen konden laten timmeren’, zegt Dmitriëvski.

‘Zo kunnen daklozen er niet meer in en ontstaat er geen brandgevaar meer; of kunnen plunderaars het hout niet meer stelen. Twaalf huizen zijn al beschermd. Enkel en alleen met het geld van inwoners van de stad. De stad, met haar verduisterde miljoenen, heeft geen roebel geïnvesteerd. Onmacht, heet dat. Waarvoor betalen wij eigenlijk belastingen?’

Met zijn muis scrolt Dmitriëvski over het computerscherm. Zijn dun brilletje hangt op het puntje van zijn neus. De ene ingekleurde zwart-witfoto na de andere rolt voorbij, van majestueuze houten structuren in al hun glorie. Dit is Dmitriëvski’s archief. 

‘We hebben alle architecturale plannen van de oorspronkelijke structuren, ze zouden morgen met de restauratie kunnen beginnen’, zegt hij.

Houten Steden verenigt tegenstanders én aanhangers van president Poetin in de verdediging van hun stad tegen corruptie, voor wat Dmitriëvski “het echte patriottisme” noemt.

‘De houten huizen in verval getuigen van de échte houding van de Russische autoriteiten tegenover patriottisme. Hun patriottisme van oorlogspropaganda en hysterie is alleen maar zand in de ogen, opdat mensen hun anti-patriottische vernieling van de Russische identiteit door corruptie en maffiakapitalisme niet zouden zien.’

‘Zoveel Russische trots, cultuur en geschiedenis bij elkaar, en kijk hoe het erbij ligt. Echt patriottisme is dit balkon van Maksim Gorki in oude glorie herstellen.’

‘Zoveel Russische trots bij elkaar en kijk hoe het erbij ligt. Hun vals patriottisme van oorlog en hysterie verbergt een échte vernieling van onze identiteit door corruptie.’

Anna Davydova is lid van het Volksfront van president Poetin. Zij vindt Poetin wél een held omdat die Rusland als grootmacht heeft hersteld. Het Volksfront is een beweging die Poetin in 2011, toen hij premier was, oprichtte om een groot deel van de civiele maatschappij onder de paraplu van zijn partij Verenigd Rusland te brengen.

‘Natuurlijk is het Volksfront slechts een nabootsing van een échte actieve burgersamenleving. Ik ben gewoon een zeldzaam voorbeeld van iemand die wel iets succesvol kon aankaarten binnen het Volksfront. Ik zit daar niet voor Poetin, maar om erfgoed te beschermen. Dat doel gaat boven alles. Van zodra ik voel dat het Volksfront ons activisme juist wil afremmen, stap ik eruit.’

Davydova en Dimitriëvski zijn hoopvol. Een jaar geleden stonden nog honderd huizen op de afbraaklijst, nu verschijnen er steeds meer in het beschermde monumentenregister. Twee weken voor het begin van het WK nam de burgemeester nog eens zestien huizen op in het monumentenregister.

Maar omdat bescherming en restauratie uitblijven, vatten nog eens twee houten pareltjes vuur, uitgerekend op de dag van de wedstrijd tussen Zweden en Zuid-Korea in Nizjni Novgorod. Terwijl de WK-gekte de stad overneemt, roept Dimitriëvski meteen een persconferentie bij elkaar.

Sinds het begin van het WK vatten al drie huizen vuur, terwijl in de zes maanden daarvoor geen enkel. Sommigen beginnen kwaad opzet te vermoeden: brandstichting om de indruk van onveiligheid te wekken en afbraak te verantwoorden. Maar niemand kan dat hardmaken. Dmitriëvski hecht geen geloof aan de brandstichtingstheorie, maar geeft toch het voorbeeld van Tomsk in 2004:

‘Een dag na de bekendmaking dat een weergaloos huis gerestaureerd zou worden, werd het in brand gestoken door criminelen die belang hadden bij het voortduren van de roof van de stad.’

‘De gouverneur van Tomsk zette toen zijn hak in het zand en maakte van dit brandende huis een symbool van de veranderde houding van de lokale overheid. Het huis werd uiteindelijk prachtig gerestaureerd. Tomsk staat nu model voor hoe het wél anders kan. Zal onze gouverneur hetzelfde doen?’

De burgemeester en de gouverneur weigeren om ook maar één roebel van het budget van de stad te investeren. Ze willen privékapitaal van investeerders aantrekken door gunstige voorwaarden voor hen te scheppen. Maar daarvoor moet het wetgevend kader nog aangenomen worden en de bureaucratie verloopt tergend traag.

‘Binnenkort zijn de monumenten die zij zelf in het monumentenregister opnemen er niet eens meer op het moment waarop ze eindelijk aan de restauratie kunnen beginnen’, zegt Dmitriëvski.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur