Foul Play Report 2018 klaagt businessmodel van sportmonopolies aan

Wie wint Wereldbeker: Nike of Adidas? Aziatische textielarbeiders zijn bij voorbaat verliezende partij

(c) Heather Stilwell / Labour Behind the Label

Adidas tekende in 2016 een sponsorcontract met de Mannschaft voor 65 miljoen euro per jaar, terwijl Nike een sponsordeal-voor-het-leven sloot met Cristiano Ronaldo die El Comandante jaarlijks 20 miljoen euro per jaar oplevert. Tot het einde van zijn dagen -wat het sportmerk dus wellicht een miljard euro zal kosten. Intussen zijn de twee sportgiganten bezig met het verhuizen van hun productiecapaciteit van China naar Vietnam, Indonesië en Cambodja, omdat de lonen in China “te hoog” worden. Hetzelfde gebeurt binnen die landen.

‘In Indonesië wordt de nieuwe productiecapaciteit niet gebouwd rond Jakarta, maar in Centraal-Java’, zegt Martua Raja Siregar, van de textielfederatie Garteks binnen de Indonesische vakbond KSBSI, in een gesprek met MO*. ‘De reden? De lonen in Centraal-Java liggen een stuk lager, en bovendien staan de vakbonden er een stuk minder sterk.’

Nike en Adidas investeren megabedragen in marketing en sponsoring, terwijl ze blijven drukken op de lonen en arbeidsomstandigheden van werknemers en vooral van onderaannemers of toeleveranciers

De cijfers over Nike en Adidas komen uit het 2018 Foul Play Report, een rapport van de internationale Schone Kleren Campagne en de Franse ngo Ethique sur l’étiquette dat vandaag (11 juni) verschijnt. De basisstelling van het rapport leest als een heruitgave van een Nike-rapport uit de jaren 1990, maar dan tot de tweede macht: de twee grootste sportmerken investeren megabedragen in marketing en sponsoring, terwijl ze blijven drukken op de lonen en arbeidsomstandigheden van werknemers en vooral van onderaannemers of toeleveranciers.

In 2005 spendeerde Nike net geen 400 miljoen dollar aan sponsorships, in 2017 was dat bedrag gestegen tot 1300 miljoen dollar. Dat is een keuze, zegt het rapport. Nike had de sponsoruitgaven, die al erg hoog waren, constant kunnen houden en met die 900 miljoen dollar extra hadden ze al hun arbeidsters in China, Vietnam, Cambodja en Indonesië een deftig loon kunnen geven.

Raja Siregar is het daarmee eens: ‘Een paar jaar geleden nam Nike zijn verantwoordelijkheid en betaalde de overuren van de werkers die een van zijn toeleveranciers weigerde te betalen. Dat lijkt mij een veel beter gebruik van de enorme middelen van het bedrijf dan steeds meer geld te uit te geven aan sportvedetten. De vraag is waarom dit een eenmalige actie is, en andere werkers niet kunnen rekenen op een waardig en eerlijk loon.’

Die sponsordeals hebben natuurlijk niet alleen betrekking op voetbal, of op nationale ploegen en absolute topspelers (voor de volledigheid: Lionel Messi heeft ook zo’n contract voor het leven, met Adidas, ter waarde van 12 miljoen per jaar). Ook de topclubs passeren de kassa, met als absolute topper FC Barcelona, waarvoor Nike jaarlijks meer dan 150 miljoen euro over heeft. De tien Europese topclubs qua sponsoring waren in 2017 goed voor 548,6 miljoen euro vanwege Nike en Adidas. In 2018 was dat al 633 miljoen euro, een stijging van 55 procent tegenover 2015.

In 2018 gaven Nike en Adidas 633 miljoen € aan 10 topclubs in Europa. Werkers in Jakarta verdienen 180€ per maand.

Er is, met andere woorden, steeds meer geld beschikbaar voor marketing en sponsordeals: Nike geeft er 10 procent van zijn omzet aan uit, Adidas 13 procent. Intussen verdienen de werkers met “hoge lonen” rond Jakarta zo’n 180 euro of minimum 3 miljoen Indonesische rupiah per maand, terwijl hun Centraal-Javaanse collega’s het met dik 120 euro per maand moeten stellen, volgens Siregar. Volgens het Foul Play Report liggen de gemiddelde lonen in de productielanden 45 tot 65 procent onder een leefbaar loon in die landen.

(c) Heather Stilwell / Labour Behind the Label

Cristiano Ronaldo verdient op 7 dagen wat een gemiddelde Europese arbeider op zijn of haar hele leven verdient. De vergelijking met de arbeidsters in Oost- of Zuidoost-Azië is niet meer in mensenlevens te vertalen. Dat morele “schandaal” levert wel een bijzonder succesvol businessmodel op: de omzet van Nike verdrievoudigde tussen 2005 (10 miljard euro) en 2017 (30 miljard euro), voor Adidas ging het van 7 miljard naar 21 miljard in dezelfde periode. Nike betaalde in 2017 bijna 4 miljard euro uit aan zijn aandeelhouders, voor Adidas was dat bijna 1,2 miljard.

Op de vraag aan Raja Siregar of die cijfers niet aantonen dat de marketingpolitiek van de sportmerken bijzonder succesvol is, antwoordt hij: ‘Het blijkt in elk geval niet succesvol voor de werkers, en dat is wat ons interesseert. De lonen van de werkers zijn de voorbije decennia wel voortdurend gestegen, maar ze blijven onvoldoende om rond te komen.’ Het Foul Play rapport bevestigt die stelling. Terwijl omzet, winstmarges en dividenden stijgen, daalt het aandeel van de arbeidskost in de totale productkost tussen 1995 en 2017 met 30 procent.

Terwijl omzet, winstmarges en dividenden stijgen, daalt het aandeel van de arbeidskost in de totale productkost tussen 1995 en 2017 met 30 procent

Raja Siregar: ‘Met name de controle op toeleveranciers en onderaannemers blijft ontoereikend. We zien vaak nog dat bedrijven die onderdelen maken voor de producten van Nike of Adidas niet geregistreerd staan als onderdeel van hun productieketen. Merken nemen nog steeds veel te weinig verantwoordelijkheid voor de rechten, lonen en omstandigheden voor alle mensen die bijdragen tot hun producten.’

Het rapport wijst er ook op dat Nike het percentage belastingen op zijn winst met een factor drie wist te verminderen, in dezelfde periode dat zijn omzet verdriedubbelde. In 2017 bedroeg dat percentage wereldwijd nog 13,2 procent. De Panama Papers brachten die constructies aan het licht, en berekenden dat die belastingontwijking Nike jaarlijks 600 miljoen euro kon opbrengen de afgelopen tien jaar.

Garteks en KSBSI zijn partners van Wereldsolidariteit, een van de drijvende krachten achter de Schone Kleren Campagne, die de Wereldbeker in Rusland aangrijpt om nog eens luid en duidelijk te wijzen op de noodzaak om de textielindustrie verantwoordelijk te maken voor waardig werk in haar hele productie- en distributieketen. De grote merken ondertekenden in Indonesië wel al een protocol dat de vrijheid van vereniging garandeert, maar weigeren momenteel te onderhandelen over een vervolgprotocol over onder andere loonbeleid.

‘De werking van vakbonden wordt ook nog steeds bemoeilijkt of soms onmogelijk gemaakt’, reageert Raja Siregar. ‘Zeker met de kortetermijncontracten die de meeste arbeiders krijgen, is het makkelijk om activisten te ontslaan. En dat is perfect wettelijk in Indonesië. De overheid wil daar ook niets aan veranderen, omdat ze net zo veel mogelijk bedrijven wil overtuigen om fabrieken te openen in Indonesië en zo veel mogelijk mensen te absorberen in industriële tewerkstelling.’

De huidige regering in Indonesië werd gekozen op basis van een redelijk sociaal en progressief programma. Na vier jaar is het bilan van president Joko Widodo of Jokowi gemengd, zegt Siregar: ‘Het beleid van de overheid is over het algemeen wel goed, al laat de uitvoering wel te wensen over. Er is een presidentieel decreet dat loonschalen en loonstructuren oplegt, maar twee jaar later heeft 90 procent van de bedrijven daar nog niets mee gedaan. En dan zijn er ook negatieve punten, zoals het presidentiële decreet dat de loonevolutie regelt met een mathematische formule, waardoor de mogelijkheid van vakbonden om betere voorwaarden te onderhandelen wegvalt.’

CC Gie Goris (CC BY-NC 2.0)

Raja Siregar: ‘Merken nemen nog steeds veel te weinig verantwoordelijkheid voor de rechten, lonen en omstandigheden voor alle mensen die bijdragen tot hun producten.’

Het zijn overigens niet alleen de lonen die te wensen overlaten. Ook op het vlak van de algemene werkomstandigheden is de afstand tussen realiteit en de normen van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) nog heel groot. De IAO stelt bijvoorbeeld in 71 procent van de textielfabrieken in Indonesië (82 procent in Vietnam) schendingen vast van het maximum aantal overuren. De veiligheidsvoorschriften in verband met brandveiligheid worden in 86 procent van de Indonesische fabrieken geschonden, in Vietnam is dat 80 procent.

Nike verkoopt jaarlijks ongeveer 750 miljoen paar schoenen, Adidas 400 miljoen. Dat komt neer op milieuschade van respectievelijk 3,2 miljard en 1,7 miljard euro

Trucost voerde, in opdracht van Puma, in 2013 een onderzoek uit naar de ecologische impact van de industrie. De conclusie toen was dat de kosten die de maatschappij draagt (ontbossing, vervuiling water, …) kunnen oplopen tot 4,3 euro per paar sportschoenen. ‘Nike verkoopt jaarlijks ongeveer 750 miljoen paar schoenen, Adidas 400 miljoen. Als je de cijfers van Trucost gebruikt, zou dat neerkomen op milieuschade van respectievelijk 3,2 miljard en 1,7 miljard euro’, concludeert Foul Play.

Het merendeel van de negen miljoen werkers in de Aziatische textielindustrie zijn vrouwen, stelt het Foul play rapport. Wat betekent dat voor de vakbondswerking, vroegen we Raja Siregar. ‘Er zijn weinig problemen op het niveau van het gewone lidmaatschap, maar zodra ze vakbondsleiders worden, duiken er wel extra zorgen op omdat de familie zich soms verzet, want ze lopen kans hun werk en inkomen te verliezen, ze engageren zich op een manier die traditioneel eerder aan mannen verbonden wordt, en ze hebben minder tijd voor de gezinstaken.’

Moeten vrouwelijke vakbondsmilitanten ook afrekenen met de conservatieve moraal van militante islamisten, die steeds uitdrukkelijker aanwezig zijn op het publieke forum? ‘Op dit moment niet’, zegt Siregar. ‘Zij focussen momenteel op het vergroten van hun politieke macht, maar als ze daarin slagen zullen wij -en met name vrouwelijke militanten- er natuurlijk wel mee geconfronteerd worden.’

Volgens het Foul Play rapport bedreigt de gerobotiseerde fabriek tussen 64 en 86 procent van alle arbeidsplaatsen in de textielbedrijven in Indonesië, Vietnam en Cambodja

Waar werkers zeker mee geconfronteerd zullen worden is de automatisering van het productieproces. Volgens het Foul Play rapport bedreigt de gerobotiseerde fabriek tussen 64 en 86 procent van alle arbeidsplaatsen in de textielbedrijven in Indonesië, Vietnam en Cambodja.

Raja Siregar reageert allesbehalve defensief: ‘Op zich is er niets mis met productiviteitsverhoging door het inzetten van robots en automatisering, op voorwaarde dat de arbeiders geschoold worden om binnen die nieuwe technologische omgeving te functioneren, en dat de toegenomen winst ook geïnvesteerd wordt in de uitbreiding van productiecapaciteit.’

Dat zijn al wel belangrijke mitsen en maren. Bovendien, zegt Siregar, ‘is er op dit moment weinig of geen overleg over deze technologische uitdaging tussen bedrijfsmanagement en vakbonden of werkers’.

De Schone Kleren Campagne vraagt Adidas en Nike met een online campagne om nieuwe onderhandelingen met de Indonesische vakbonden op te starten om een Akkoord over leefbare lonen en werkzekerheid af te sluiten. Meer informatie over de campagne vind je op www.schonekleren.be

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur