Wallonië wil 55 procent minder broeikasgassen uitstoten tegen 2030

Waals milieuminister Céline Tellier: ‘We weten wat er moet gebeuren. Het is tijd om het te doen’

© Jean-Luc Flémal

Céline Tellier, minister voor Milieu, Natuur, Bos en Dierenwelzijn stond tot voor kort aan de andere kant. Ze was voorzitster van de Franstalige tegenhanger van de Bond Beter Leefmilieu. Terwijl in Vlaanderen het middenveld onder vuur ligt, kreeg het in Wallonië met Tellier een plaats in de regering.

Het Waalse luik van het nationale klimaatplan voorziet een uitstootreductie van veertig procent tegen 2030. Vlaanderen hoopt met de nodige technologische innovaties af te kloppen op 35 procent, maar houdt het voorlopig op wat de regering een meer realistisch 32,6 procent noemt. Want haalbaar en blijkbaar ook betaalbaar.

De Waalse regering is evenmin van plan zich aan de eigen doelstellingen te houden. Ze wil hoger springen. In haar regeerakkoord heeft de paars-groene regering van Elio Di Rupo vastgelegd om de ambities over twee jaar aan te scherpen. In 2030 plant Wallonië 55 procent minder broeikasgassen te lozen. Dat is precies waar de Europese Commissie met de New Green Deal op aanstuurt.

In plaats van te wachten op een nieuwe ronde boekhoudkundig zwartepieten over de verdeling van inspanningen tussen de verschillende regio's – de zogenaamde ‘burden sharing’ – legt Wallonië een eigen doelstelling vast.

‘Vorige keer heeft het elf jaar geduurd om te onderhandelen over de verdeling van de inspanningen. We hebben geen tijd om opnieuw zo lang te wachten.’

‘Vorige keer heeft het elf jaar geduurd voor er een akkoord was over de verdeling van de inspanningen’, zegt Céline Tellier, minister voor Milieu, Natuur, Bos en Dierenwelzijn. ‘We willen daar niet op wachten. We weten wat er moet gebeuren. Het is tijd om het te doen. Maar voor verdere klimaatvragen verwijs ik u graag door naar mijn collega, klimaatminister Philippe Henry.’

Tellier vertelt het in haar kantoor langs de Maas. Aan de receptie liggen de kerstbomen klaar, aan de muren in de gang doorbreken haastig opgehangen afdrukken van dierenfoto’s de steriliteit, veel van de bureaus staan nog leeg en op het naambord in de inkomhal prijkt de titel Monsieur le Ministre. ‘Dat wordt binnenkort aangepast’, glimlacht haar woordvoerster.

Dit is een kabinet in opbouw, van een vrouw die tot voor kort aan de andere kant stond. Tellier was voorzitster van Inter-Environnement Wallonie, de Franstalige tegenhanger van de Bond Beter Leefmilieu. Terwijl in Vlaanderen het middenveld onder vuur ligt, kreeg het in Wallonië met Tellier een plaats in de regering.

‘Inhoudelijk volgde ik de dossiers waarvoor ik verantwoordelijk ben al op. Ik ben vertrouwd met de materie. Nu draag ik vooral een andere pet en dat vergt soms een andere logica. Ik moet balanceren tussen verschillende belangen en standpunten. Maar ik weet heel goed waarom ik ben toegetreden tot deze regering. Ik ben hier om het milieu en de natuur wezenlijk te verbeteren. Dat is mijn leidraad en daar zal ik bij geval van twijfel altijd naar teruggrijpen. Mijn doel is de klimaatverandering tegen te gaan, de biodiversiteit te verbeteren en onze relatie met de natuur te herstellen. Het is tijd om ons minder als roofdier te gedragen en de natuur niet louter te beschouwen als gebruiksvoorwerp.’

De kracht van hagen

‘We wisten niet dat het onmogelijk was. Daarom hebben we het samen gedaan.’ Deze woorden hoopt Tellier binnen vijf jaar uit te spreken.

Haar plan – en dat van de Waalse paars-groene regering: 4000 kilometer hagen of een miljoen bomen planten. Wallonië moet groener worden en vooral het groen dat er nu is moet met elkaar verbonden worden. Door hagen, struwelen en bomen. Wat versnipperd is, moet een aaneengeschakeld netwerk vormen met de hagen als ruggengraat.

Na de voorstelling van het Waalse regeerakkoord bleef de haag in de hoofden hangen. Het prikkelde de verbeelding, werkte soms op de lachspieren, maar vooral: het was zo concreet dat men niet anders kon dan erover praten. Hoe hagen? Waarom hagen? Wie hagen?

Op drie jaar tijd werd 110 kilometer hagen geplant. Nu wil men op vijf jaar tijd voor vierduizend kilometer gaan.

Op het algemene mailadres van Tellier stroomden de reacties van burgers, organisaties, jeugdbewegingen, boeren, bedrijfsleiders en serviceclubs binnen. De meeste opgewonden en lichtjes ongeduldig. Wanneer werden die hagen geplant? Waar konden ze zich melden? In Wallonië ontstond er iets wat in Vlaanderen voorlopig eerder ontmoedigd dan actief aangespoord wordt: een gedeeld enthousiasme over een concrete maatregel die zowel goed is tegen klimaatverandering als voor het herstel van de biodiversiteit.

Sommigen waren ook kritisch. Want wie de sector van de haag een beetje kende, wist dat dit niet de eerste keer was dat het idee gelanceerd werd. Ook de vorige Waalse regering koesterde ambitieuze haagplannen. In de praktijk draaide het iets minder spectaculair uit. Op drie jaar tijd werd 110 kilometer hagen geplant. Nu wil men op vijf jaar tijd voor vierduizend kilometer gaan.

Biodiversiteitssnelwegen

‘Het is veel, dat klopt. Maar we mogen niet vergeten dat Wallonië tweehonderdduizend kilometer hagen telde. Vierduizend kilometer is slechts het begin van een herstel.’ En dat herstel is hard nodig. Het gaat niet goed met de natuur in Wallonië. Tellier haalt er de cijfers bij. ‘Een derde van de plantensoorten en de helft van de diersoorten zijn bedreigd. Voor de vogels is de toestand nog schrijnender. Op dertig jaar tijd is de helft van de soorten verdwenen; in grootschalige landbouwgebieden loopt dit op tot tachtig procent.’

‘Het is essentieel om deze neergang te stoppen. Met hagen bied je woongebieden aan diersoorten en je legt een netwerk van biodiversiteitssnelwegen aan waarlangs dieren zich kunnen verplaatsen. Bovendien verminderen ze de erosie van vruchtbare grond, vormen ze een dam tegen overstromingen, helpen ze met de opslag van koolstof in de bodem en – niet onbelangrijk – creëren ze werkgelegenheid. Die hagen moeten geselecteerd, opgekweekt en geplant worden.’

De sector van de boomkwekers liet daarover verstaan dat men in Wallonië niet de capaciteit heeft om op zo’n korte tijd zo veel hagen te kweken.

Tellier: Dat klopt. We willen natuurlijk zo veel mogelijk inheemse haagsoorten planten, maar ook nu al voeren we die in vanuit Frankrijk. Het is niet zo dat we nu voor honderd procent met Waals plantgoed werken en ineens in het buitenland moeten aankopen omdat we dit plan hebben ontwikkeld. We bekijken samen met de sector hoe we hen kunnen ondersteunen, wat hij nodig heeft om te groeien.

‘Dankzij de hagen worden mensen zich bewust van de biodiversiteitscrisis.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Net zoals we in nauw overleg staan met de boeren. Ooit kregen ze premies om de hagen die hun velden omzoomden te rooien, nu moeten we hen overtuigen weer hagen te planten. De voordelen die hagen bieden, merk je als landbouwer niet het eerste jaar. Daar gaat tijd over. Op termijn verbetert de vruchtbaarheid van de bodem, maar boeren geven duidelijk aan dat het onderhoud van de haag voor hen een grote hinderpaal is. Wie doet dat? Wie betaalt dat?

Je kunt daar mensen, dorpen, gemeenten rond samenbrengen. Dat is het boeiende van die hagen. Enerzijds hebben ze een duidelijk effect op het terrein en maken ze een reëel verschil, anderzijds vormen ze een laagdrempelig aanknopingspunt om mensen bewust te maken van de biodiversiteitscrisis. We noemen dit een stille crisis omdat er veel minder over gepraat wordt dan over het klimaat, terwijl beide nauw met elkaar verbonden zijn.

Schorskever

Ik herinner me een uitspraak van minister Marghem. Zij is in de federale regering nog steeds verantwoordelijk voor biodiversiteitsbeleid. ‘Als ik dat op tafel leg, dan vinden mijn collega-ministers dat sympathiek maar niet echt serieus.’

Tellier: Het politieke debat over biodiversiteit heeft nog niet dezelfde zichtbaarheid of ernst als dat over klimaatbeleid. Dat is duidelijk. Terwijl het thema minstens zo belangrijk is. Met de hagen hebben we alvast de gesprekken over het verlies aan natuurlijke schoonheid geopend. Maar we willen verder gaan. We ontwikkelen een volledige strategie, waardoor de zorg voor klimaat en biodiversiteit op alle niveaus doordringt. Het voordeel is dat dit integraal deel uitmaakt van het regeerakkoord. Drie politieke partijen hebben zich erachter geschaard. Daardoor stijgt biodiversiteit op de politieke agenda.

Zestig procent van de Waalse bossen vertoont tekenen van stress en kwetsbaarheid

Ook omdat steeds meer mensen op het terrein beseffen dat de nood hoog is. Zestig procent van de Waalse bossen vertoont tekenen van stress en kwetsbaarheid. Door droogte, door de effecten van klimaatverandering, maar evengoed door een gebrek aan biodiversiteit in onze bossen. Het zijn grotendeels productiebossen met bomen van dezelfde soort en dezelfde leeftijd. Het maakt hen gevoeliger voor ziektes en parasieten zoals de schorskever. Door de klimaatverandering plant deze kever zich twee keer per jaar voort en overleeft hij de winter.

Onze bossen moeten weerbaarder worden. Ook daar zullen we de natuur meer ruimte moeten geven in het beheer ervan. Daarvoor zullen we de logica dat de mens het bos controleert en beheerst achter ons moeten laten en onderzoeken hoe we met de natuur kunnen samenwerken.

Op een dag keek ik met een man die dagelijks moest vechten om financieel boven water te blijven naar het officiële aankondigingsbord voor de bouw van een vistrap in een rivier. Enkele honderdduizenden euro’s kostte die. ‘Voor vissen is er wel geld’, zei de man. Hoe zorg je ervoor dat iedereen mee geniet van die inzet op klimaat en biodiversiteit?

‘Een gezonde leefomgeving mag geen luxe zijn.’

Tellier: De tegenstelling wordt makkelijk gemaakt, maar het is geen noodzakelijke tegenstelling. Een goed klimaatbeleid is sociaal en ecologisch. Een gezonde leefomgeving mag geen luxe zijn. De eerste slachtoffers van klimaatverandering en milieuvervuiling zijn precies mensen in armoede. Als je kijkt naar wie er langs drukke steenwegen woont, wie amper toegang heeft tot groen, dan zijn dat precies de mensen met de laagste inkomens. Ze wonen op de minst gezonde plaatsen.

We willen sterk inzetten op het vergroenen van stedelijke gebieden. In ons plan staat duidelijk: 4000 kilometer hagen en/of een miljoen bomen. Van die een miljoen willen we er een flink aandeel in steden planten. Als klimaatmaatregel, maar evengoed om te helpen bij de aanpassing aan klimaatverandering. Bomen houden water vast, bieden schaduw en zuiveren de lucht. Ze zijn goed voor iedereen.

Moedige boeren

Tellier: Daarnaast biedt het hele luik rond klimaatbeleid in het regeerakkoord voldoende aanknopingspunten om in te zetten op de creatie van groene jobs. We hebben enorm veel arbeidskracht nodig om de omslag te realiseren waar we voor staan. Huizen moeten gerenoveerd worden, zonnepanelen moeten geïnstalleerd worden, onze economie moet circulair worden en van een mobiliteit waarin iedereen zijn auto heeft, moeten we naar meer fietsen en meer gedeelde mobiliteit.

Intensieve landbouw is een van de oorzaken van het verlies van biodiversiteit. U bent verantwoordelijk voor voedselbeleid, maar Willy Borsus (MR) is verantwoordelijk voor landbouw. Hagen planten is goed. Een omslag in landbouwpraktijken heeft meer nodig.

Tellier: Dat klopt. De landbouwsector heeft al veel klappen gekregen, boeren zagen hun inkomen dalen, maar veel boeren beseffen ook dat het noodzakelijk is het model te veranderen. In het regeerakkoord hebben we duidelijk de nadruk gelegd op de ondersteuning en promotie van de familiale landbouw. Voor steden willen we de voedselstrategieën verder verfijnen, zodat op scholen zo veel mogelijk lokaal voedsel wordt gegeten en de band tussen boer en stad nauwer wordt. We willen de boeren die de moed hebben om te veranderen actiever ondersteunen. Omdat zij tonen dat het in de praktijk anders kan en dat is de beste manier om anderen te overtuigen.

‘Door advies over en verkoop van pesticiden op te splitsen, bespaart de boer en winnen we aan biodiversiteit.’

Ik wil ook aan andere, praktische maatregel benadrukken die door een kleine aanpassing in de wetgeving een groot verschil maakt. We voeren een scheidingswand in tussen de adviezen over pesticiden en de verkoop ervan. Nu is dat vaak een en dezelfde persoon die bij de boer langskomt. Hij geeft advies en hij verkoopt. Het is duidelijk dat hij er belang bij heeft dat de boer zo veel mogelijk koopt en gebruikt. Ervaring in Frankrijk en een pilootproject in Wallonië leren dat als je advies en verkoop uit elkaar haalt, het gebruik van pesticiden met twintig procent daalt. De boer bespaart op zijn uitgaven en de biodiversiteit wint erbij.

Mobiele slachtvloeren

Ook dierenwelzijn valt onder uw bevoegdheid. Wat met het welzijn van dieren in de industriële veeteelt?

Tellier: We voorzien in ieder geval ondersteuning voor de overschakeling naar extensieve veehouderij, waarbij dieren buiten komen, plaats hebben om te leven en de graslanden bovendien koolstof opslaan. We willen het welzijn van dieren in ieder onderdeel van de veehouderij verbeteren. Zowel tijdens hun leven als bij transport en de slacht. We zetten in op de uitbouw van mobiele slachtvloeren, waarbij de dieren op de boerderij worden geslacht. In slachthuizen voorzien we dan weer camera’s om mogelijke misbruiken te voorkomen.

U moet bij veel van wat u wil realiseren voortdurend overleggen met de minister van landbouw. Hierover zei André Antoine (cdH): ‘De ene komt uit de milieubeweging, de andere is aanhanger van economische ontwikkeling. Ik denk niet dat die kabinetten kunnen samenwerken.’

Tellier: (lacht) Natuurlijk hebben wij verschillende gevoeligheden. Mijn prioriteit is het herstel en de bescherming van de natuur. Maar we zijn met drie partijen en elke partij heeft zich akkoord verklaard met een gemeenschappelijk project. Mijn uitgangspunt en dat van meneer Borsus zullen niet altijd hetzelfde zijn. Maar als ik een ding geleerd heb als voorzitster van de overkoepelende milieuvereniging, dan is het om met iedereen samen te werken. Het is de enige manier om vooruit te gaan.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Klimaat en sociaalecologische transitie

    Tine Hens is historica, journaliste en auteur van Het klein verzet (Epo, 2015), het verhaal van mensen die van Griekenland tot Denemarken in hun eigen wijk of stad, of met hun eigen b

    Actieve thema's