Schilders Ermias Kifleyesus en Tuur & Flup Marinus dekoloniseren in kunst

‘Kunst kan ruimte eisen voor wat verdrongen is’

Dekoloniseren via de kunsten: dat is voor de Belgische broers Tuur en Flup Marinus en hun Ethiopisch-Belgische collega Ermias Kifleyesus geen opdracht, maar een manier om met een hedendaags fenomeen om te gaan. ‘Schoonheid wordt zelden problematischer dan in deze beelden.’

Je kan ze nog tot 11 oktober bekijken tijdens het tentoonstellingsparcours Coup de Ville van het Sint-Niklase kunstenplatform WARP: de schilderijen van Ermias Kifleyesus, een feest van polyfonie, en het werk van Tuur en Flup Marinus, beelden die een moeilijke werkelijkheid vertroebelen. Deze kunstenaars gebruikten hun werk om zich vragen te stellen bij sluipende vormen van kolonialisme.

Kunstenplatform WARP koos voor de vierde editie van zijn Coup de Ville ‘Chasing Flowers’ als thema, een zoektocht naar groen en bloemen, oersymbool van ontwikkeling en een nieuw begin. Van Kifleyesus hangt er een portret van een Afrikaans bloemenmeisje aan de muur, de broers Marinus schilderden de koloniale postzegelcollectie na van hun grootoom, die missionaris was.

Eén ding hebben ze alvast gemeenschappelijk: een enkele oogopslag is niet genoeg om deze dekoloniserende schilderkunst meteen te doorgronden. Zo verzamelden de broers Marinus hun schilderijtjes van de postzegels in het boek Belgisch Congo Belge (2016), op het eerste zicht een fotoboek vol zegels, maar in tweede instantie het resultaat van arbeid, verdraaiing en beeldvorming.

Ook de originele zegels zijn constructies: ze stammen uit het Congo van tijdens de Belgische kolonisatie. Ze tonen weelderige tropische planten en wekken zo een ideaalbeeld op van een land dat toch vooral vreemd en exotisch moest blijven. Door deze na te maken symboliseren de kunstenaars de verhouding tussen gastheer en kolonist.

‘Deze beelden getuigen van een gruwelijk verleden, en daarom trekken ze aan én stoten ze af’, zegt Flup Marinus. Zo wordt duidelijk hoe moeilijk het is om in de schilderkunst een eenduidige boodschap te geven over het koloniale verleden.

Congo als kleurenpracht en catastrofe

‘De kolonisatie is in elk geval geen zaak uit het verleden alleen’, zegt Kifleyesus bij zijn portret van een Afrikaans bloemenmeisje. ‘Veel van de bloemen die hier verkocht worden komen nog steeds uit Afrika; daar wordt er gewerkt opdat mensen aan de andere kant van de wereld kunnen genieten. Afrika wordt nog al te vaak als gereedschap gezien. Kunstenaars en intellectuelen hebben dan ook de verantwoordelijkheid om de scheve verhouding tussen het Westen en het globale Zuiden te behandelen als wat ze is: een fenomeen dat vandaag nog niet voorbij is.’

© Ermias Kifleyesus

‘Een postkoloniale thematiek aankaarten is niet genoeg.’

Ook Tuur en Flup Marinus nemen die verantwoordelijkheid ter harte. ‘Als kinderen speelden we met de grote collectie postzegels van onze grootnonkel, die missionaris was. Sommige zondagen zaten we die in pyjama uit te wisselen. Later herontdekten we ze op zolder en waren de objecten voor ons als het ware getransformeerd. Enerzijds werden we getroffen door de overweldigende kleurenpracht, maar aan de andere kant waren we ons nu wel bewust van de catastrofe die deze beelden verhullen.’

‘Dat leek me een interessant uitgangspunt voor een serie schilderijen: schoonheid wordt zelden problematischer dan in deze beelden’, verduidelijkt Tuur Marinus. ‘In onze verwerking ervan zit er hopelijk ook een soort nederigheid: we plaatsen onszelf in dit verhaal. Zo gaan we niet uit de weg dat we witte jongens zijn, met een nonkel die missionaris was.’

Postkoloniale kunst als etalage

‘Een postkoloniale thematiek aankaarten alleen is niet genoeg’, vindt Ermias Kifleyesus. ‘Het is al te veilig geworden om daar iets mee te doen in je werk. We moeten onszelf de vraag blijven stellen hoe kolonialisme aangekaart wordt. Ook hoe deze kunst ontvangen wordt, is cruciaal. Wordt ze getolereerd als een experimentje van “de Ander”, of is er begrip, aanvaarding?’

Kifleyesus doopt zijn kunstwerken daarom om tot “sites van uitwisseling”, met techniek. ‘In mijn werk zitten het labeur en de invloeden van andere kunstenaars, die verstopt zijn, benadrukt of uitvergroot. De tijd zit erin verwerkt. Er zijn ook primitieve elementen in te herkennen. Het is erg hedendaags in vorm, maar er is ook invloed van klassieke kunstenaars, zoals Gauguin.’ Een vorm van culturele appropriatie, dus.

‘Veel van de hulpmiddelen de wij gebruiken hebben al iets van dat koloniale in zich.’

In een van de beelden in de reeks Nature as Enigma, van de broers Marinus, staat een groep legerofficiers, volledig in uniform, onder het lichaam van een krokodil dat aan een plafond hangt. ‘We tonen de zichtbare trots waarmee onze voorouders ook de natuur hebben gekoloniseerd,’ zegt Tuur Marinus, ‘en halen die trots dan op een tragikomische manier onderuit.’

Zo zien we desolate figuren die in de buurt van rubberbomen dwalen. Ondanks hun trots lijken ze wel verloren te lopen tussen de vertakkingen van wortels en lianen.

Onze voorouders eisten de natuur op, legt Tuur Marinus uit. ‘Veel van de hulpmiddelen die wij gebruiken om de natuur vast te leggen hebben al iets van dat koloniale in zich. De postzegels bijvoorbeeld, of de stereoscope beelden uit koloniaal Congo van onze meest recente reeks. Net zoals de botanische tuinen: die verschaften niet alleen een blik op onbekende flora, maar insinueerden tegelijkertijd ook een soort eigenaarschap.’

Door deze beelden opnieuw boven te halen, stellen de broers Marinus de tegenwoordigheid van dat oude wereldbeeld in vraag. ‘Jammer genoeg heeft ons werk geen directe activistische kracht’, vindt Tuur Marinus. ‘Toch hopen we op onze manier een bijdrage te leveren aan het debat over kolonialisme.’

‘Gelukkig kunnen we in de kunst en de verbeelding wel nog terugwinnen wat verloren is.’

Ook Kifleyesus verkent graag de mogelijkheden van de schilderkunst. ‘In mijn werk breng ik dingen die normaal gezien op het achterplan gebeuren naar voren, en omgekeerd. Zo probeer ik de huidige verdeling van energie in de wereld in vraag te stellen, en eis ik een ruimte op voor de elementen die vaak verdrongen worden.’

Tijdens de kolonisatie ging er veel verloren, zegt Kifleyesus. ‘Het gaat dan in veel gevallen over immateriële zaken. Tradities, talen, manieren van leven zijn in grote getale verdampt in die periode. Gelukkig kunnen we in de kunst en de verbeelding wel nog terugwinnen wat verloren is.’

Roofkunst teruggeven

Kifleyesus heeft geen onverdeelde mening over het teruggeven van roofkunst aan de landen waar ze werd geroofd. Teruggave is maar één van de mogelijkheden. ‘Ik denk dat meer uitwisseling kan bijdragen tot het potentieel van musea. Als Afrikaanse en Belgische curatoren van elkaar leren, kan dat leiden tot nieuwe, open methodes. Het kan publiciteit opleveren, maar creëert ook een ruimte waarin meer vonken kunnen overspringen.’

‘Wat we missen, is vooral de samenwerking’, zegt hij. ‘Niet eender welke samenwerking, maar samenwerking die gebaseerd is op eerlijke relaties, die niet in de eerste plaats instrumenteel moeten zijn. Musea moeten daar boven staan.’

Ook moeten we vooral niet verzeild raken in schuldgevoel of angst, vindt Kifleyesus. ‘Honderd jaar geleden moest er iets rechtgezet worden, ja. Nu zitten we met de nasmaak, en daar moeten we productief mee omgaan. Dat kan niet enkel door te praten.’

Tuur en Flup Marinus zien in het werk van Kifleyesus een enorme aantrekkingskracht. ‘De geschiedenis wordt erin betrokken, maar ook omgedraaid. Het is erg complex werk, en tegelijk is het onmiddellijk.’

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, krijg je ons magazine en kan je gratis aan onze events deelnemen. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

De kunst van de broers kan ook Kifleyesus boeien: ‘Er zitten vier ogen in één werk. Het is heel ambigu: net zoals in de geschiedenis is er veel dat je niet ziet. Ook in de geschiedenis is het niet altijd glashelder wie wat gepresteerd heeft, is er altijd een onzichtbare op de achtergrond.’ Hij ziet het werk van een kunstschilder als een proces van emancipatie, van opzoeken wat we over het hoofd zien, er rijkdom uit putten en invloeden vermengen. ‘De dialoog moet oprecht zijn’, zegtKifleyesus. ‘Anders verandert er niets.’

De tentoonstelling Coup de Ville van kunstenplatform WARP omvat film, schilderkunst en installaties, verstrooid over de uithoeken van Sint-Niklaas. Nog te bezoeken tot 11 oktober.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2848   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift