Vredesverdrag Darfoer brengt geen zoden aan de dijk

Op 13 juli sloten de Soedanese overheid in Karthoum en de Liberation and Justice Movement (LJM), een rebellengroep uit Darfoer, een vredesovereenkomst in de Qatarese hoofdstad Doha. De afwijzing van de belangrijke rebellengroep Justice and Equality Movement (JEM), doet twijfelen over de impact van het vredesverdrag.

  • USAID Vluchtelingenkamp nabij Nyala in Zuid-Darfur. USAID

Het Doha-akkoord is het resultaat van maandenlange onderhandelingen met steun van de Arabische Liga, de Afrikaanse Unie en de Verenigde Naties. De overeenkomst omvat richtlijnen in verschillende domeinen, zoals de verdeling van de macht tussen Kartoem en de Soedanese rebellen, mensenrechten, veiligheid en justitie. Dat vertelde Ghazi Salah Al-Deen, adviseur van de Soedanese president Omar Al-Bashir, aan de Qatarese krant The Gulf Times. ‘De Doha-overeenkomst is een basis voor een permanent wapenbestand tussen de strijdende partijen’, verwelkomt de Verenigde Naties het verdrag.

Sinds 2003 teistert een strijd tussen het Soedanese leger en Afrikaanse rebellen de regio in het westen van Sudan. De Sudan Liberation Movement (SLM) en de Justice and Equality Movement (JEM) zijn de belangrijkste rebellengroepen in Soedan. De rebellen eisen meer autonomie voor Darfoer na jarenlange onderdrukking en verwaarlozing door de overheid. Arabische nomaden en boeren van de etnische gemeenschappen Foer, Massaleet en Zaghawa strijden om land en graasgebied voor vee. Het Soedanese leger en de Janjaweed, goed bewapende Arabische milities op paarden, antwoordden met moord, verkrachting en diefstal. Ongeveer 2,7 miljoen Sudanezen ontvluchtten hun land en 300.000 lieten het leven, meestal door ziekte, zo schrijft BBC.

Verdrag mist draagkracht

De Liberation and Justice Movement (LJM), die als enige rebellengroep het verdrag ondertekende, ontstond in 2010 als een alliantie van kleinere milities. In vergelijking met de grote rebellengroepen, SLM en JEM, is de macht van LJM in Darfoer klein. Politieke analysten twijfelen dan ook aan de daadkracht van het akkoord. ‘Ik denk niet dat het akkoord vrede brengt. De Liberation and Justice Movement behoort niet tot de machtige rebellengroepen’, vertelt Roger Middleton, onderzoeker bij de denktank voor internationale relaties, Chatham House, aan Reuters. Ook Fouad Hikmat, adviseur voor Soedan bij de International Crisis Group, is voorzichtig. ‘De overheid zal de tegenstanders van het verdrag beschouwen als dwarsliggers en zal nog steeds milities inzetten’, vertelt Hikmat aan het persagentschap Bloomberg.

‘Dit is geen vredesovereenkomst. Belangrijke thema’s als mensenrechtenschendingen, machtsverdeling tussen Kartoem en de rebellen, en compensaties voor ontheemden, zijn niet voldoende behandeld’, uit JEM-woordvoerder Gibril Adam zijn onvrede aan het persagentschap AFP. Tijdens het conflict sloot Karthoum al verschillende wapenbestanden met JEM, maar die hielden niet stand. De vraag blijft dan ook of het verdrag ook op terrein zichtbaar zal zijn, als de grote rebellengroepen in Soedan niet deelnemen aan de vredesonderhandelingen.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3233   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift